Wat was aanvankelijk voor jou de drijfveer om als voorzitter toe te treden tot het bestuur van Stichting Zelfhulp Netwerk?

Ik ken het Zelfhulp Netwerk al erg lang. In de beginjaren heb ik veel opgetrokken met de oprichtster van de stichting, Joke de Haas, die helaas inmiddels is overleden. Zij heeft mij destijds al eens gevraagd of ik zitting wilde nemen in het bestuur, omdat zij dacht dat dat goed bij mij zou passen. Met Joke heb ik jarenlang in een commissie van de GGzE gezeten: zij vanuit cliëntenperspectief en ik vanuit de organisatie namens het bestuur.

Toen ik later door de toenmalige voorzitter, Frits Jonkers, werd gevraagd om voorzitter te worden, heb ik eerst nog contact met haar gezocht om te vragen wat zij daarvan vond en of zij dacht dat het iets voor mij zou zijn. Toen zij aangaf dat zij dacht dat het goed bij mij zou passen, heb ik uiteindelijk ja gezegd.

Voor mij voelde het ook als een manier om bij te dragen aan iets waar zij zich jarenlang met zoveel passie voor heeft ingezet: mensen met elkaar verbinden middels lotgenoten contact.

Is die motivatie van destijds tot zijn recht gekomen in de jaren dat je actief bent geweest in het bestuur?

Ja, die motivatie is zeker tot zijn recht gekomen. In de afgelopen jaren heb ik regelmatig gezien hoe belangrijk lotgenotencontact kan zijn voor mensen. Het moment waarop iemand merkt dat hij of zij niet de enige is met een bepaald probleem of een bepaalde ervaring, kan enorm veel betekenen. Het is bijzonder om te zien hoe mensen elkaar steunen en elkaar soms net dat beetje begrip kunnen geven dat ergens anders moeilijk te vinden is. Dat bevestigt steeds weer hoe waardevol het werk van de stichting is.

Wat was de grootste uitdaging voor de stichting tijdens jouw zitting in het bestuur?

De grootste uitdaging was om rust en stabiliteit te creëren binnen de organisatie. Het was belangrijk om te werken aan een stabiel team en een bestuur dat goed samenwerkt met bijvoorbeeld de Raad voor Zelfhulp en elkaar versterkt. Een organisatie die zich inzet voor anderen heeft zelf ook een stevige basis nodig. Daarom lag er voor mij en het bestuur een belangrijke taak in het creëren van duidelijkheid, vertrouwen en continuïteit binnen de stichting.

Naar mijn mening is dat ook goed gelukt.

Waar hoop je dat Stichting Zelfhulp Netwerk over vijf jaar staat? Hoe hoop je dat de stichting zich doorontwikkelt?

Ik hoop dat Stichting Zelfhulp Netwerk over vijf jaar een nog stevigere positie heeft, ook financieel, binnen de diverse gemeentes en binnen het netwerk van zorg en welzijn.Ik hoop dat nog meer inwoners weten dat zij hier terecht kunnen wanneer zij behoefte hebben aan contact met mensen die vergelijkbare ervaringen hebben. Daarnaast hoop ik dat de stichting zich verder blijft ontwikkelen, met nieuwe groepen en initiatieven, zodat er voor zoveel mogelijk mensen een plek is waar zij herkenning en steun kunnen vinden.

Met de komst van twee nieuwe bestuursleden, een heel fijn en stabiel team en de uitbreiding van de Raad van Zelfhulp is er naar mijn mening ook sprake van een sterk fundament. Ik zie de toekomst daarom met vertrouwen tegemoet.

Wat zou je tegen inwoners willen zeggen die op zoek zijn naar lotgenotencontact en misschien het gevoel hebben er alleen voor te staan?

Ik zou willen zeggen dat je er vaak minder alleen voor staat dan je denkt. Er zijn veel mensen die vergelijkbare ervaringen hebben, ook al lijkt dat soms niet zo. De stap zetten naar een groep of naar lotgenotencontact kan spannend zijn, maar het kan ook veel opleveren: herkenning, begrip en steun van mensen die echt weten waar je doorheen gaat.

“Wij willen jou ontzettend bedanken voor je inzet en hebben de samenwerking als prettig en constructief ervaren.” Wat zou je ons als bestuur, team en raad nog willen meegeven?

Dank jullie wel voor die woorden. Ik heb de samenwerking zelf ook als heel prettig ervaren. Wat ik jullie vooral wil meegeven, is om te blijven doen waar jullie goed in zijn en blijf goed luisteren naar elkaar. Met de betrokkenheid en inzet die ik binnen het team, de Raad van Zelfhulp en het bestuur heb gezien, heb ik er alle vertrouwen in dat de stichting zich verder blijft ontwikkelen en nog veel mensen zal blijven ondersteunen.

En dat ik jullie erg zal gaan missen.

Wat ga je doen met de tijd die je nu “over” hebt?

De tijd die nu vrijkomt, ik ga ook met pensioen, wil ik gebruiken om wat meer ruimte te maken voor andere dingen. Dingen waar eerder minder tijd voor was, bijvoorbeeld meer repeteren; ik speel klarinet in een harmonie. Ik wiel-ren al vanaf mijn zestiende, dat blijf ik natuurlijk doen, en waarschijnlijk ook wat vaker en wie weet wat er nog op mijn pad komt.

Op professioneel gebied blijf ik nog werkzaam in een aantal commissies. Tegelijkertijd blijf ik de stichting natuurlijk met interesse volgen en wens ik iedereen heel veel succes met het belangrijke werk dat hier wordt gedaan.

Met vriendelijke groet,

Bert Spooren
Voorzitter